#Gamechangers by ABN AMRO: Jalila Essaïdi

Rioolvet. Klinkt vies hè? Is het ook: het is de drab die ontstaat door vetten en oliën uit voedsel en cosmetica die we dagelijks door de gootsteen spoelen. Smerig spul, en toch weet kunstenaar en ondernemer Jalila Essaïdi er iets van te maken. In de Game Changers Experience van ABN AMRO presenteert ze de eerste kaarsen uit rioolslib. Die staan niet alleen leuk op tafel, ze bieden ook een oplossing voor een prangend probleem. Waterschappen hebben namelijk steeds meer moeite om rioolslib te verwerken. De kaarsen geven het afval een nieuwe bestemming.

Romantisch dineren bij rioolkaarslicht

Kaarsen maken van rioolvet, je moet er maar opkomen.

‘Het ligt inderdaad niet erg voor de hand. Ik kwam op het idee toen twee verschillende partijen vlak na elkaar bij me aanklopten. Waterschap De Dommel vroeg me om mee te denken over de verwerking van hun reststromen. Na het zuiveren van rioolwater blijft namelijk een dikke laag slib achter; een mengsel van vuil en bacteriën. Bovenop drijft een dikke laag die bestaat uit vetten en oliën. Nu wordt alles verbrand door afvalverwerkers, maar dat is een dure oplossing die geen enkele waarde creëert. Het Waterschap wilde onderzoeken of er voor het slib betere bestemmingen bestaan. Iets later had ik contact met een kaarsenproducent die op zoek is naar alternatieve grondstoffen. Eén en één was twee.’

Maar hoe maak je van zo’n stinkende troep een gezellige huiskamerkaars?

‘Om te beginnen: er is niets goorder dan een menselijk riool. Het stinkt ontzettend en er drijft van alles in. Van het Waterschap kreeg ik een lading rioolslib, waar ik met een team eerst de rotzooi uit moest zeven. Gelukkig hadden we hier de juiste uitrusting voor – eerder hadden we al grondstoffen voor kleding uit koeienmest gehaald. Via een chemisch en mechanisch proces scheidden we vervolgens de vetten en oliën van elkaar. De oliën gebruikten we voor de oliekaars die nu in de Game Changers Experience van ABN AMRO te zien is. Voor de goede orde: hij stinkt totaal niet.’

Kleding van koeienmest, kaarsen van rioolvet; hoe reageren mensen op jouw uitvindingen?

‘Ze vinden het vaak smerig, tot ze het gewonnen materiaal met eigen ogen zien. In feite doen we niets anders dan kostbare grondstoffen terugwinnen voor hergebruik. Rioolslib en koeienmest worden als vies ervaren, maar pure plantaardige oliën en cellulose voor textiel niet. Bovendien zien steeds meer mensen hoe krom ons huidige systeem eigenlijk is: we winnen de kostbaarste materialen om ze een dagje op ons gezicht te dragen en ze daarna meteen weg te spoelen. Zo bekeken zijn kaarsen uit rioolvet misschien zo vreemd nog niet.’

Welke rol zie jij voor ontwerpers en kunstenaars in de duurzaamheidstransitie?

‘Ik denk dat onze kracht ligt in de verbindingen die we kunnen leggen. Waterschappen en kaarsenproducenten opereren in compleet verschillende werelden, ze komen zelden met elkaar in contact. Breng je ze bij elkaar, dan ontstaan er ineens nieuwe perspectieven en oplossingen. Het betekent ook dat we als ontwerpers verder moeten kijken dan onze eigen disciplines. We zitten in de overgang van het antropoceen – het tijdperk van de mens – naar het symbioceen, waarin mens, natuur en technologie met elkaar in harmonie zijn. Blijven werken vanuit je eigen domein gaat ons hierin niet verder helpen, cross-overs juist wel.’

Je bent door ABN AMRO uitgeroepen tot een van de Game Changers op DDW19. Hoe vind je dat?

‘Ik ben natuurlijk blij dat de kaars een podium krijgt, maar vind het belangrijker dat ABN AMRO de aandacht vestigt op duurzaam design. De Game Changers Experience gaat over een urgent probleem: we lopen tegen de grenzen van ons systeem aan en moeten op een andere manier naar productie en consumptie kijken. Het bewustzijn hiervan groeit. Vijf jaar geleden was duurzaamheid nog niet zo’n thema op Dutch Design Week, nu zijn er veel ontwerpers die iets met recycling of bio-based materialen doen. En ook consumenten zijn steeds meer geïnteresseerd in waar producten vandaan komen. Toch hebben we nog een lange weg te gaan, vooral als het gaat om opschalen. Misschien is het tijd voor een business accelerator voor bio-design, zoals je die in de tech-sector al veel ziet.’

Hoe ziet jouw Dutch Design Week eruit?

‘Druk! Ik ben naast Game Changer ook ambassadeur van DDW19. Ik ben bij de opening, voer debatten, presenteer een keynote, doe iets voor tv. En bij de BioArt Laboratories waarvan ik founder ben, presenteren we een veel grotere expositie met randprogramma: The Symbiocene Forest. Hopelijk heb ik ook nog even tijd om bij de Game Changers Experience langs te gaan. Ik ben benieuwd hoe het publiek op de rioolkaars reageert.’