#Gamechangers by ABN AMRO: Adrianus Kundert

Een leren tas die glanst van ouderdom, dat zien we graag. Oma’s broodtrommel met gebarsten email: voer voor nostalgisten. Maar een doodgewone vergadertafel die mooier wordt door gebruik? Productontwerper Adrianus Kundert bedacht de Transformer Table, door ABN AMRO geselecteerd voor de Game Changers Experience op DDW19. Adrianus is gefascineerd door verandering en slijtage. Maar ook door massaproductie en nieuwe technieken. Zo ontstond uit zijn praktische en creatieve manier van omdenken een even simpel als verrassend duurzaam product. Aan tafel!

"Oud is het nieuwe nieuw"

Hoe word je eigenlijk ‘designer’?

‘Design is een nogal brede term, ik spreek daarom liever van productontwerper. Nou, dat is een geleidelijk proces, in mijn geval. Ik ben altijd geïnteresseerd geweest in transformatie, ik zie daar veel schoonheid in. En verandering zie je bij uitstek in natuurlijke, organische processen. Die fascinatie zat er al vroeg in. Vanaf mijn zestiende werkte ik jaren in een bloemenzaak en daarna ben via mijn studie Product Design in het vak van interieurontwerper gerold. Voor particulieren, maar ook voor bedrijven.’

Bij bedrijfsinrichting denk ik aan grijze kasten, suffe bureaus en stoffige tapijttegels...

‘Snap ik, maar het kan ook anders. Je moet schipperen tussen functionaliteit en wat er te koop is. Ik kwam er snel achter dat het aanbod inderdaad vrij mager is, en meestal industrieel geproduceerd. Maar ik ontdekte ook hoe je daar toch interessante combinaties mee kunt maken. In kleur en materiaal, of door er iets aan toe te voegen. Je kunt wel degelijk vernieuwend zijn en variatie aanbrengen in een saai kantoorlandschap. Dat is wat mij drijft, daar ben ik constant naar op zoek.’

Iedereen wil duurzame producten, je hoort dat woord overal. Wat betekent het volgens jou?

‘Je kunt producten maken die sterk zijn en lang meegaan. Maar zijn ze ook handig, en mooi? In mijn ogen worden materialen vaak verkeerd gebruikt. Van aluminium kun je folie maken om boterhammen te verpakken, maar ook een kandelaar. Wat gaat langer mee? Het punt dat ik wil maken, is dat veel producten lelijker worden door ze te gebruiken. Neem sneakers, of auto’s: één vlek, kras of deuk en ze zijn meteen minder waard. Voor kantoormeubilair geldt hetzelfde. Vaak is dat van MDF met daarop HPL, een soort geperst hogedruklaminaat. Prima spul hoor, gaat ook lang mee. Maar bij de eerste beschadiging is zo’n bureau al afgeschreven. Ik vind dat zonde. Ik ben veel meer geïnteresseerd in producten die niet alleen mooi zijn als je ze koopt, maar door hun gebruik juist waardevoller worden.’

En vanuit dat idee heb je de Transformer Table ontworpen?

‘Ja, maar daar ging nog iets aan vooraf. Kijk, een antieke tafel heeft karakter. Prachtig natuurlijk, maar zo’n ding is niet reproduceerbaar. En dus ongeschikt voor een bedrijf dat er zes nodig heeft, laat staan zestig. Ik vind het leuk om werelden bij elkaar te brengen: een nieuw ontwerp dat mooi oud wordt. Op zoek naar die mix van moderniteit, massa en een gesleten look, dacht ik: als ik nou eens iets ontwerp dat meeleeft met zijn gebruikers, dat alleen maar waardevoller wordt door gebruikssporen. Ik mikte eerst op een laminaatvloer, maar een vergadertafel was praktischer. En per definitie massaproductie.’

Hoe heb je dat aangepakt?

‘Ik moest bewust gebruikssporen laten ontstaan in een nieuw product. Onder de glanzende bovenlaag heb ik een ribbelpatroon in het MDF gefreesd, zodat er slijtplekken ontstaan als je druk uitoefent op het oppervlak. Zo’n dieptereliëf aanbrengen is nieuw, dat wordt nergens gedaan. Vooral technisch was het dan ook een lastig proces, en ik had weinig tijd. Kortom, gedoe. Uiteindelijk heb ik onder die keiharde toplaag een tweede, zachtere laklaag aangebracht. Onderling hechten die niet goed en samen met die ribbels stimuleert dat slijtage. Grappig, op de academie hielden ze niet van lagen, alles moest eenduidig zijn. Maar ik vind dat gelaagdheid voor verandering zorgt, en dus voor leven.’

Is zo’n tafel vooral leuk, of ook economisch interessant?

‘Hij gaat echt jaren mee, dat ten eerste. En wordt de slijtage te erg, dan kunnen de ribbels weer wat worden bijgefreesd. Of je brengt nieuwe laklagen aan; met kleuren, als een toverbal. Bedrijven gaan dat natuurlijk niet zelf doen. Daarom past dit ontwerp goed bij de nieuwe economie, met andere bedrijfsmodellen. Kantoormeubilair kun je toch prima leasen? Het bedrijf dat die tafels in eigendom heeft, komt af en toe langs om ze te controleren en bij te werken. En bij een verhuizing of herinrichting worden ze ingenomen en hersteld: klaar voor een nieuwe slijtageslag door andere gebruikers.’

Je ontwerpt echt vanuit een visie, zou je jezelf een ‘Game Changer’ noemen?

‘Hmm, misschien. Ik begrijp dat die tafel een conversation piece is, maar ik heb veel meer willen maken dan een leuke gimmick met een grappig effect. Ik hoop dat ik hiermee bijdraag aan de discussie over hoe producten worden gemaakt en gebruikt. Ik wil echt iets veranderen in de manier waarop mensen nadenken over een aankoop. Dat is doorgaans nog heel functioneel en commercieel, ze vinden het nú mooi en denken hooguit een jaar vooruit. Bij mij zijn dat er minstens drie. In de wetenschap dat het product dan nog veel mooier is geworden, en allesbehalve afgeschreven. Precies volgens het motto dat een vriendin voor me heeft bedacht: to design an object is to design its lifetime.’

Hoe heeft ABN AMRO je hierbij geholpen?

‘Mijn pitch werd uit die van tien andere ontwerpers geselecteerd, en sinds dat moment is er veel gebeurd. Ik had al onderzoek gedaan naar materialen en laklagen, maar het hele slijtage-concept moest nog worden gekoppeld aan een geschikt product. Los van de financiële steun, hebben ze goede vragen gesteld en praktisch met me meegedacht. Zo kwamen we uit op een tafel, waar in een paar weken een prototype van moest komen. Hard werken dus, waardoor ik geen tijd had voor publiciteit en pr-zaken. Dat is sowieso niet mijn kracht, maar dat hebben ze allemaal heel professioneel geregeld: van een fotoshoot tot een behind the scenes-video. Ze ook doen echt hun best om me aan nuttige relaties te koppelen en hebben me een heel mooi podium geboden.’