Nieuwe materialen, nieuwe perspectieven

Dutch Design Week presenteert dit jaar 8 designtrends die de belangrijkste ontwikkelingen markeren binnen het ontwerpveld. De vijfde trend staat in het teken van New Materials.

Duurzaam materiaal is belangrijk voor een goed ontwerp. Vandaar dat de vijfde trend van DDW in het teken staat van grondstoffen, biomaterialen en materiaalonderzoek. Welke innovaties waren er tijdens DDW binnen dit domein te zien? En welke rol speelt de ontwerper in de ontwikkeling van materialen? De deelnemers van DDW 2018 blijken voorlopers te zijn van een nieuwe beweging die de industrie kan aanjagen om met gedurfde materialen aan de slag te gaan. Tijdens DDW ontsluiten ze de meest out-of-the box restmaterialen, afvalproducten en biomaterialen als optie om mee te produceren. Bloed, algen, proteïnen en recyclede polyestervezels, zijn dit wellicht de grondstoffen van de toekomst?

Algae Lab Luma, Studio Klarenbeek
Max Kneefel
Vindingrijke en gedurfde oplossingen

De expositie van de New Material Award liet de bezoekers dit jaar kennismaken met het hergebruik van onconventioneel afval, het bewustmaken van onze menselijke impact op de aarde en nieuwe biomaterialen. De grote winnaar van de New Material Award 2018 is Algae Lab Luma van Studio Klarenbeek. Deze Arnhemse designstudio ontwikkelde een bio-plastic uit algen dat niet alleen duurzaam is, het getuigt ook van de kracht van esthetiek. Menig DDW-bezoeker stond verwonderd te kijken naar de kleurrijke en verfijnde toepassing van algen in een reeks kopjes en schaaltjes. Algae Lab Luma bewijst hiermee dat duurzaamheid, vernieuwing en schoonheid samen kan gaan én daarmee mensen weet te bereiken. 

Er waren meer vindingrijke oplossingen te vinden binnen de finalisten van de New Material Award. Zo kwam Basse Stittgen met het idee om een merkwaardig afvalproduct van de vleesindustrie om te zetten in een nieuw waardevol materiaal. Elk jaar worden miljoenen liters dierlijk bloed verspild in de vleesindustrie. Volgens Stittgen is dat een gemiste kans. Wat als we dit ruwe ‘afval’ nu nieuw leven inblazen? Door het bloed te verhitten en om te zetten creëerde Stittgen een nieuwe grondstof voor objecten. Of deze grondstof ook een weg vindt naar commerciële producten blijft de vraag. Maar op zijn minst maken deze objecten de consument bewust van zijn gedrag. 

Xandra van Eijk onderzocht welk effect huishoudelijke middelen hebben op verschillende soorten metaal. Het resultaat is een visueel samenspel van verwering en schoonheid. Maar wat betekent dit op grote schaal voor ons landschap? Dat is de essentiële vraag die hierachter schuilgaat.

Afgedankt textiel in een nieuw jasje

De bewerking en omzetting van verschillende kunststoffen kwamen ook aan bod in het Europese project Trash-2-cash. In dit drie jaar durende project gaan wetenschappers en ontwerpers van onder andere de Aalto University uit Helsinki aan de slag om nieuwe textielvezels te ontwikkelen uit afgedankte kleding. Met behulp van de-polymerisatie tonen zij de mogelijkheid om gerecyclede polyestervezels te verkrijgen waarmee opnieuw kleding gewoven kan worden. Ook toont Trash-to-Cash de bewerking van natuurlijke materialen zoals Ioncell-F-technologie. Dit is een proces waarbij hout wordt omgezet in textiel zonder dat hier schadelijke chemicaliën bij komen kijken. Een overzicht van deze verschillende technieken was te zien in het Klokgebouw.

Van auto-mat naar schoen

De bewerking en omzetting van kunststof kwam ook aan bod bij In4nite II. In deze samenwerking tussen fabrikant Low&Bonar en een selectie Nederlandse ontwerpers werd het voor de meeste mensen nog onbekende Colback al in 2017 geïntroduceerd. Dit jaar presenteerden ze nieuwe toepassingen van dit industriële ongewoven kunststof. Vaak verdwijnt dit materiaal in verstevigingsoplossingen voor industriële materialen zoals tapijten, auto-matten en luchtfilters. Dit vormde een belangrijke inspiratiebron voor Joris de Groot, één van de deelnemende ontwerpers. Hij maakte uit Colback met behulp van de productietechniek die schuilgaat achter de auto-mat een inventieve schoen. Tijdens DDW kreeg de bezoeker een kijkje in de keuken van hoe dit productieproces in zijn werk gaat.

Leisteen, spinnenzijde en afvalwater; als nieuwe grondstof?

In het project Géo van de studenten van de Tomas Bata Universiteit, wordt een nieuwe functie gegeven aan een natuurlijk restmateriaal, leisteen. De leisteenproductie in Tsjechië levert een fijngemalen stof op die normaal gesproken opstapelt in de steengroeven. De studenten gingen aan de slag met nieuwe technologieën zoals 3D-printing om deze stof om te zetten tot een reeks huishoudelijke producten. Meer mogelijkheden die de natuur biedt voor materiaalontwikkeling zien we terug in de Zweedse expositie “What Matter/s”. In deze expositie is werk te zien van onderzoekers, biologen en ontwerpers waarbij geëxperimenteerd is met proteïnen en spinnenzijde.

 

Kaumera project
Billie van Katwijk

In eerdere trends zagen we ook al een aantal biomaterialen voorbijkomen, maar in deze trend kunnen ze ook niet onopgemerkt blijven. De architecten van Werkstatt bewijzen dat het biomateriaal ‘hennepbeton’ gemaakt uit kalkhennep klaar is om op grotere schaal gebruikt te gaan worden. Ze ontwikkelden al een volledige woning ‘The Hemp House’ uit dit materiaal. Dat afvalwater nog nuttig kan zijn nadat we ons toilet hebben doorgetrokken laten de Nederlandse ontwerpers: Nienke Hoogvliet, Billie van Katwijk en Jeroen Wand, zien. Samen met de Nederlandse Waterschappen ontwikkelde zij nieuwe toepassingen van Kaumera, het restmateriaal dat achterblijft na reiniging van het afvalwater. Deze coatingachtige stof blijkt onder meer bruikbaar te zijn voor het verven van textiel en voor het maken van keramiek.

Out-of-the-box denken kan aanzetten tot verandering. Dit hebben alle projecten gemeen. Ze zetten zowel consumptie en productie in een ander daglicht, in de hoop dat het aanzet tot verandering. En wie weet drinken we in 2025 wel een kopje koffie uit een algenglaasje van Studio Klarenbeek en filteren we ons afvalwater om zelf kleding duurzaam te verven.