What If Lab | Hoe kunnen data en design uithuisplaatsingen van kinderen voorkomen?

Uithuisplaatsing van een kind is een traumatische gebeurtenis. Hulpverleners in de jeugdzorg doen er alles aan om dit zoveel mogelijk te voorkomen. Toch werden er in 2017 per 10.000 kinderen 121 kinderen uit huis geplaatst. Hoe kunnen we design inzetten om hier een oplossing voor te vinden?
Hoe kunnen data en design helpen bij het voorkomen van uithuisplaatsingen?

In het What if Lab: Smart Society meets design van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en de Dutch Design Foundation is digitaal designbureau Greenberry samen met Garage2020 en gemeente Amsterdam op zoek gegaan naar op data analyse gebaseerde toepassingen voor jeugdhulpverleners. De kernvraag die we wilden beantwoorden met het What if Lab: Hoe kunnen we data succesvol inzetten in de jeugdhulpverlening om de kans op uithuisplaatsing zoveel mogelijk te voorkomen?

De data analyse van de Gemeente Amsterdam liet zien dat er patronen te herkennen zijn. En dat de informatiepositie van hulpverleners verbeterd kan worden. Maar alleen al bij het horen van het woord data trekken veel hulpverleners hun wenkbrauwen op. Want data, is dat niet koude, kille, anonieme informatie die weinig van doen heeft met het empathische en intuïtieve werk van jeugdhulpverleners?

Niet geboren om achter de computer te zitten

De eerste stap in ons ontwerpproces was een uitvoerige interviewreeks met hulpverleners. In totaal spraken we meer dan 8 hulpverleners. In de interviews namen we ons voor vooral niet te veel over data te praten. We gingen met ze in gesprek over hun werk, hun frustraties, hun drijfveren. Het waren mooie gesprekken, waarin we steeds meer respect kregen voor het werk van jeugdhulpverleners. Maar we kregen ook steeds meer zicht op de uitdagingen van de jeugdzorg: van een extreem hoge werkdruk tot handelingsverlegenheid.

De interviews lieten ons zien dat jeugdhulpverlening een intuïtief beroep is. Op basis van gevoel en ervaring, in overleg met gezinnen, kinderen en andere professionals (casuïstiek overleg) worden keuzes gemaakt voor een vervolg hulptraject. Data speelt daarin nog geen rol. We leerden dat hulpverleners niet geboren zijn om achter een computer te zitten, en vooral hun tijd willen besteden aan hun cliënten. En we ontdekten dat er bij hulpverleners behoefte is aan bevestiging van hun keuzes. Zie ik het goed? En is dit het juiste hulptraject voor mijn cliënt?

Hoe kunnen we....

In een ontwerpsessie met ontwerpers, zorgprofessionals en teamleden van Garage2020, Gemeente Amsterdam en Greenberry gingen we in co-design aan de slag met het ontwerp. We namen daarbij de uitkomsten van de interviews als uitgangspunt: hoe kunnen we ervoor zorgen dat we een tool maken die helpt bij besluitvorming over de verschillende behandeltrajecten? Hoe kunnen we hulpverleners inzicht geven in vergelijkbare situaties? Hoe kunnen we alle mogelijke opties (ook de minder bekende) laten zien van een behandeltraject? En ze helpen om efficiënter en sneller een case te analyseren?

In een aantal co-design sessies werkten we toe naar twee conceptrichtingen. We werkten de richtingen uit in storyboards en gingen opnieuw in gesprek met de hulpverleners. In het lab van Greenberry legden we de storyboards voor en lieten we de hulpverleners concreet met de concepten aan de slag gaan. We vroegen ze het prototype verder uit te diepen, te verbeteren en compleet te maken. Aan het eind van de prototype test lag er een kloppend concept op tafel: een extra teamlid voor de jeugdhulpverlening.

Spelen met speelgoed

In de gesprekken met de hulpverleners ontdekten we dat hulpverleners nooit een beslissing nemen over een cliënt zonder goed overleg te voeren met andere professionals en collega’s. Om dit proces verder te ondersteunen kwamen we met het ontwerp ‘een extra teamlid’. Stel je voor dat er een teamlid is die informatie heeft over alle jeugdhulpgevallen in Amsterdam (en later Nederland). Die je bovendien kunt raadplegen tijdens je overleg met het team of een cliënt.

Maar we wilden geen data tool maken waarvoor hulpverleners achter de computer moesten kruipen. Het liefst zouden we een fysiek product maken, waarbij de data eigenlijk eenvoudig kan worden opgeroepen zonder al te veel klikken of tikken op een scherm. We speelden met speelgoed. Zochten naar een geschikte vorm.

"Als dit concept zou werken zouden de gevolgen baanbrekend kunnen zijn" - Sabine

Het extra teamlid

Het extra teamlid bestaat uit een spelbord, houten blokken een applicatie. Op het spelbord wordt door de hulpverlener een visuele tijdlijn gemaakt van de ingezette hupltrajecten. Dit doet de hulpverlener een stapel vormen die symbool staan voor de verschillende behandelopties.                                                                                                                                  

De ‘extra teamlid’ applicatie beschikt over alle mogelijke cases en ondersteunt hulpverleners vanuit data analyse bij de keuze voor een vervolgtraject. Door een foto te maken van het spelbord (de vormen worden via image recognition herkend als code) met de applicatie krijgen hulpverleners direct te zien wat een logische vervolgtraject zou zijn. De ‘extra teamlid’ applicatie geeft bovendien bij de verschillende behandelingen verhalen en achtergronden. Ook de wachttijden en beschikbaarheid en locatie worden getoond. Met het digitaliseren van de spelborden bouwen we bovendien nieuwe anonieme data op over hulptrajecten.

Naar de praktijk

Tijdens Dutch Design Week 2018 presenteren Greenberry, Garage2020 en Gemeente Amsterdam het prototype: een extra teamlid. Ontworpen met en voor hulpverleners. Het prototype is te zien in de stand van VNG Realisatie in het Klokgebouw, hal 4. De volgende stap is het prototype uitwerken naar een werkende applicatie die we kunnen testen in de praktijk. Ideeen? Intersesse? Tips? We horen het graag op [email protected]

Dit artikel is geschreven door Alain Dujardin, creatief directeur van Greenberry.