Tekst door Rob van Kaam


Ondernemen als designer klinkt logisch, maar is vaak heel moeilijk. Hoe stap je uit de veilige omgeving van je werkplaats en breng je je product op de markt? Om talentvolle designers te stimuleren bedachten ABN AMRO, BNO en DDW de masterclass Driving Dutch Design (DDD), een programma waarin de jonge designers zo’n 10 maanden geholpen worden in hun ondernemerschap. Samen met andere kennispartners worden verschillende disciplines van ondernemerschap belicht en er worden verbindingen gelegd tussen creatieve en zakelijke netwerken. Daarnaast krijgen de designers gedurende de gehele periode een personal coach van ABN AMRO. Aoife Wullur, Lotte Douwes en Michiel van Abbe zijn Drivers uit de lichtingen 2013 en 2014. Uit hun verhalen blijkt wat de waarde van het programma is. Niet alleen tijdens, maar ook na dit leerzame avontuur.

Aoife Wullur
Aoife Wullur (30 jaar) focust zich met haar werk op de technische elementen om ons heen, authenticiteit en menselijke interactie. Ze was onderdeel van de eerste lichting van DDD in 2013. Het bleek een enorm waardevolle stap in het doorbreken van haar vaste patronen: “Ontwerpers trekken veel met elkaar op. Dat heeft z’n voor- en nadelen, er zijn namelijk nog veel meer niet ontwerpers. Die moet je anders benaderen. Ons werk heeft een zakelijke ondertiteling nodig en dat heb ik bij DDD leren doen.” Het eerste jaar kende nog geen expositie tijdens DDW, maar Aoife kreeg wel een plek in één van de zes ABN AMRO Hotspots, waar talentvolle designers een podium wordt geboden. “Door die expositie in de Hotspot ben ik gescout door iemand uit San Francisco en dat heeft me veel gebracht. Het balletje is gaan rollen en niet meer gestopt.” Na het traject spoorde ze ontwerpers in haar omgeving aan om ook deel te nemen: “Het is zo belangrijk om in contact te komen met andere werelden, dat raad ik echt iedereen aan. En aan het enthousiasme van de coaches merkte ik dat het ook voor hen heel waardevol was.”

photo © Hannie Verhoeven photo © Hannie Verhoeven


Lotte Douwes
Na de eerste DDD werd meteen een start gemaakt met de tweede editie. Lotte Douwes (34 jaar) ging de confrontatie aan.  Met haar werk wil ze, door vanuit een nieuw perspectief naar de elementen in de ruimte te kijken, dynamiek brengen in de veelal statische interieurs. “Na de eerste paar masterclasses twijfelde ik of ik er wel iets aan had, maar later in het traject viel alles steeds meer op zijn plek. De zelfreflectie op mijn bedrijf was goed. Heel goed.” De Drivers zijn met elkaar naar een tweedaagse masterclass geweest. Daar werd ook de expositie voor de DDW gepitcht aan de groep door Lotte en mede Driver Suzanne. Zij zagen waarde in het bundelen van de expertise en netwerken van de Drivers, aangevuld met die van ABN AMRO, BNO en DDW. Dit was een gouden greep waar de hele groep veel profijt van heeft gehad. Tijdens de DDW hielden de Drivers een pitch van twee minuten. Iets wat Lotte dwong om heel goed na te denken over haar eigen werk. Van ontwerpster Miriam van der Lubbe kreeg ze een gouden tip: wees open over je werk als je nog niet voldoet aan de complexe voorschriften en regels die gelden voor je product. Een opdrachtgever kan dan zelf bepalen of ze je product op grote schaal willen inzetten of niet. “Dat gaf zelfvertrouwen en heeft ertoe geleid dat de eerste grote opdracht met dit product een feit is. Daarnaast heb ik er gigantisch zakelijk en persoonlijk netwerk bij en heeft DDD enorm bijgedragen aan mijn zakelijke ontwikkeling.”

photo © Jeroen van der Wielen photo © Jeroen van der Wielen


Michiel van Abbe
Voor Michiel van Abbe (37 jaar) was DDD 2014 een perfect getimede stok achter de deur om het ontwerpen serieus aan te pakken. Als autodidact ontwerper combineert hij zijn twee grote passies,  verlichting en fotografie, met elkaar tot lichtobjecten. Er lagen wat schetsen en prototypes, maar hij deed er niets concreets mee. Toch borrelde het. Door het programma en de aanloop naar DDW ging de knop helemaal om. Wat hem het meest verbaasde was de psychologische impact van de gesprekken met de coaches: “Ik merkte dat ik eigenlijk heel weinig zelfvertrouwen had in mijn rol als ontwerper. M’n aanpakmentaliteit was verdwenen. Die kwam terug en dat heeft me veel gebracht.” Tijdens de expositie verkocht Michiel werk aan klanten uit het netwerk van de organisatie en durfde hij over z’n eigen commerciële drempel heen te stappen. “Ik ken de trucs, maar ze op jezelf toe te passen is iets heel anders. Het is niet erg om dat te doen, commercieel denken maakt je werk niet minder goed. Dat zie ik nu in.”